Achteraf.nl - Honden en Katten

Het Nederlands Kooikerhondje.

Oorsprong: Nederland Gehouden als: Jacht en gezelschapshond Grootte: Ong. 35–40 cm Gewicht: Ong. 10 kg Kleur: Wit met orangje platen, de oorpunten zijn zwart Vachtsoort: Halflange vacht die licht golvend is.


michael en beau  Jessy   pup


Gem. leeftijd 12–13 Jaar


Kenmerken: – Matige diepe borstkas – Oren hebben zwarte punten – Schedel en snuit hebben dezelfde lengte – Lichaam is ongeveer even hoog als het lang is – Amandevormige ogen


Herkomst: Een oud Nederlands ras. Op schilderijen van zeventiende eeuwse meesters, zoals Jan Steen, en op familieportretten uit de achttiende en negentiende eeuw komen kleine spioenen – spaniels – voor, die veel op het huidige Kooikerhondje lijken. Mevrouw M.C.S. Baronesse van Hardenbroek van Ammerstol heeft veel gedaan om het bijna uitgestorven ras te behouden en op te bouwen. Met de hulp van een marskramer, die zij een afbeelding en een lokje haar van het Kooikerhondje meegaf, slaagde zij er in enkele bruikbare exemplaren op te sporen. Het teefje Tommie uit Friesland werd zo de stammoeder van de naoorlogse Kooikerhondjes. In 1966 werd het ras voorlopig erkend en werden de voorlopige raspunten opgesteld en in 1971 volgde de officiële erkenning. Van huis uit is het Kooikerhondje een werkhondje, hij is de assistent van de kooibaas. De kooibaas vangt de eenden in een eendenkooi, die aan het uiteinde is voorzien van een net. Het Kooikerhondje helpt hem door de aandacht van de eenden te trekken en ze zo de kooi binnen te lokken. Er zijn in ons land nog ruim honderd eendenkooien en in een aantal daarvan is een Kooikerhondje in functie. Daarnaast is het Kooikerhondje een bewaker van huis en erf en een verdelger van ratten, mollen en muizen.


Algemeen Voorkomen: Kwiek, bont hondje met een harmonische bouw in een opvallend fraaie, rood met witte kleur en schitterende bevedering.


Vacht: Middelmatig lang, licht golvend tot sluik, goed aansluitend. Goed ontwikkeld onderhaar. Wit met oranjerode platen; kleur moet overheersen. Zwartbont en driekleur niet toegestaan. De oorharen zijn lang en aan het uiteinde moeten ze voorzien zijn van zwarte haarpunten (oorbellen).


Gebruik: Veelzijdig hondje met uitgesproken werklust en wil voor de baas te werken, dat werd en wordt gebruikt als jachthond, waakhond, hondje van de kooibaas (kooiker), bestrijder van ongedierte en gezelschapshond. Goed te gebruiken voor actieve hondensporten op het gebied van gehoorzaamheid, behendigheid en flyball.


Gezondheid: In het ras komen epilepsie, myelopathie, Von Willebrand Disease, erfelijke oogaandoeningen en af en toe patella luxatie voor. Fokdieren worden hierop onderzocht.


Aard: Vrolijk maar niet luidruchtig, zeer op zijn vertrouwde omgeving gesteld, vriendelijk, goedaardig en attent. Gevoelig voor lawaai en harde woorden. Geen allemansvriend: aanvankelijk terughoudend tegenover vreemden, kinderen en honden. Heeft hij eenmaal iemand geaccepteerd, dan wordt dat een vriendschap voor het leven. Afhankekijk van het temperament zal hij vluchten of grauwen bij onzekerheid. In huis op zijn tijd rustig en bescheiden, dan weer speels en bruisend van levenslust. Goed waaks, maar slaat alleen aan als daar reden voor is. Buiten loslopend maakt hij flink tempo, met een lichtvoetig gangwerk en een permanent sierlijk wuivende staart.


Bijzonderheden: Behalve regelmatige borstel– en kambeurten heeft de lange vacht geen bijzondere verzorging nodig.


Bron: Dierenplanet.nl


 

18-10-2009

Novia scotia duck tolling retriever.

Oorsprong: Canada Gehouden als: Jacht en gezinshond


Grootte: Reuen 48-51 cm en teven 45-48 cm


Gewicht: 17-23 kg Kleur: Rood/oranje met witte aftekeningen


Vachtsoort: Middellang en waterafstotende vacht met zacht dekhaar Gem.


Leeftijd: 12-13 Jaar


toller


Breezer

11-06-2009

Bouvier.

Oorsprong: België en Frankrijk Gehouden als: Veedrijver, waak en gezinshond Grootte: Reuen 62–68 en teven 59–65 cm Gewicht: Reuen 35–40 kg en teven 27–34 kg Kleur: Vaal of grijs, zwartgevlamd of gestroomd en zwart Vachtsoort: Dof, ruig en droog haar Gem. Leeftijd: 11–12 Jaar                                    


mandy en bouvierbouvier pups bouvier


Kenmerken: – Hoog aangezette oren – Korte brede rug – Korte ronde poten – Snor en baard – Borst loopt naar beneden


Herkomst: Over de voorouders van de Bouvier wordt nog steeds getwist, maar hij is afkomstig uit het weidegebied op de grens van Zuidwest-Vlaanderen en Frankrijk. Met de veranderingen in de Belgisch–Franse rasstandaard in de jaren zestig is ook het uiterlijk van de hond veranderd. Zo werden het garnituur en de overige beharing overvloediger en de voorsnuit korter


Algemeen voorkomen: Een krachtig gebouwde gedrongen hond, kort in de lendenen, die op sterke en goed gespierde benen staat. De staart van de Bouvier des Flandres wordt gecoupeerd. Zijn vurige blik waaruit schranderheid, durf en wilskracht spreken, verlevendigt zijn norse voorkomen.


Vacht: De ondervacht is fijn en dicht aaneengesloten. De dekharen zijn dof, droog, ruig en warrelig, niet gekruld. Samen vormt dit een waterbestendige vacht. De Bouvier mag de volgende kleuren hebben: grijs, vaal, gestroomd of zwart gevlamd of zwart. Blond wordt niet erkend


Gezondheid: Fokdieren worden onderzocht op het voorkomen van heupdysplasie en moeten een rasgedragstest hebben doorstaan


Aard: Eigenzinnig, soms stuurs, moedig, gehard, evenwichtig, onverstoorbaar, waakzaam, zeer trouw aan zijn gezin, geschikt voor kinderen, verstandig. Een Bouvier heeft consequente leiding nodig en werkt graag voor zijn baas.


Bron: Dierenplanet.nl

30-11-1999

Copyright © 2009 Achteraf.nl. Alle rechten voorbehouden. | Disclaimer

Login | Webdesign by: Wiebren